Uitgeverij Kramat, zijn auteurs en medewerkers melden u met droefheid het overlijden van John Vermeulen. John was een fantastisch auteur, een goede vriend en een grote meneer.
Zeven auteurs hebben een In Memoriam geschreven over John Vermeulen.
Deze zijn hieronder te lezen.
Peter Schaap, auteur
Erg goed heb ik John niet gekend. Niet persoonlijk tenminste. Ik heb hem meegemaakt op het Castlefest. Een vriendelijke man met wie het goed contactmaken was. Een man ook die iets bijzonders uitstraalde. Die de wereld op de een of andere manier van bovenaf bekeek, alsof hij de wereld niet gemaakt had, maar dat wel graag had willen doen. Dat een beetje een godje zijn zit in het schrijversschap. Beide beheerste hij denk ik meer dan bovengemiddeld. Jammer alleen dat niet iedereen dat eerste doorhad. Dat maakte hem ook eenzaam, denk ik.
LeoArie Elsenaar, uitgeverij Parelz, auteur
Op 16 maart van dit jaar had ik het eerste contact met John Vermeulen. Hij reageerde op een e-mail, waarin we hem vroegen mee te doen met onze nieuwe uitgeverij voor korte verhalen en novellen, Parelz. Hij was ons aanbevolen door Mel Hartman. Hij stuurde in zijn antwoord een verhaal mee met de woorden: Melissa Hartman is een goede vriendin van mij, en als dusdanig wil ze mijn schrijverskwaliteiten wel eens sterk overdrijven naar buiten toe. Het lijkt me veiliger als jullie zelf eerst lezen en oordelen.
Nog voordat we konden reageren, stuurde hij een tweede verhaal. Om het af te leren, zo begon hij de mail.
Het hoeft geen betoog dat zijn verhalen als een dijk stonden. Zijn schrijfhand was de zekerste die ik tot dan toe had gelezen.
Hij was een stille. Een ‘schrijver/kluizenaar’, legde Thirza Meta mij uit. Toch stond hij midden in de zakelijke wereld. Drie dagen voor zijn dood hadden wij nog een mailwisseling met hem, waarin we hem dringend vroegen mee te doen met een ParelzProeverij in Antwerpen. Hij hield het af, maar schreef na ons aandringen: Kan ik je voorlopig bevredigen met een ja onder groot voorbehoud?
Ja, schreven wij terug.
Het is nee geworden.
Ik heb hem vijf maanden gekend, maar ik mis hem.
Luc Vos, auteur
John Vermeulen is niet meer. Om het met een cliché te zeggen: “Een groot schrijver is van ons heen gegaan.” Echter niet alleen een groot schrijver, ook een groot mens.
Spijtig genoeg heb ik John niet zo goed gekend als ik graag zou willen. De schaarse ontmoetingen tijdens de Boekenbeurs en op de voorstellingen van zijn boeken gaven mij slechts een kleine glimp van de meneer die hij was.
Zijn schrijverstalent kwam echter des te meer naar boven in het grote aantal boeken dat hij geschreven heeft. Waarvan ik er een aantal met heel veel plezier heb gedegusteerd. Ik heb nog niet alles kunnen lezen, maar zijn ‘Ring van Eeuwigheid’ heb ik met gretigheid verslonden en behoort tot mijn ‘all time favorites’. Net zoals andere van zijn boeken.
Een groot schrijver is niet meer. Wij zullen hem missen. Als mens, als schrijver, als collega. John Vermeulen is niet meer. Maar hij leeft verder in zijn boeken, des te meer.
Johan Deseyn
Aangenaam in de omgang én een brompot.
Ingetogen én uitbundig (na een glaasje te veel).
Vol respect naar anderen én een ouwe snoeper.
Een sublieme auteur én een sublieme auteur én een sublieme auteur.
Kortom, een pracht van een kerel.
John, we missen je echt.
Geert Libeer
Ik heb John slechts eenmaal gezien, van ver, zonder hem te spreken. Maar ook iemand die je niet persoonlijk hebt gekend, kan een bron van inspiratie vormen. De bijna vaderlijke rol die hij tegenover enkele debuterende schrijvers speelde, dwingt respect af in een wereldje dat al te vaak bestaat uit individualisten en concurrenten en is een waardevolle les voor ons allen. John zal blijven voortleven, voor wie hem kende in hun hart, voor alle anderen in de creativiteit van zijn werk.
Mel Hartman
Vijftien jaar geleden leerde ik John kennen. Ik moest hem interviewen en hoewel ik Johns boeken toen nog niet kende, was ik behoorlijk zenuwachtig. Dat bleek nergens voor nodig te zijn. We spraken af op het terras van een eetcafé en vanaf de allereerste minuut voelde ik me ontzettend op mijn gemak en leek het alsof we elkaar al jaren kenden. Wat normaal gezien een uurtje zou duren, liep uit tot meerdere uren en ik kwam pas 's avonds laat thuis. Vanaf dan onderhielden John en ik een uitgebreide briefwisseling, eerst via de fax, later via email en diners. Eerst enkel over boeken en schrijven en later over alles van het leven. Zijn boeken heb ik sindsdien verslonden: zowel zijn S.F. verhalen, als de thrillers en historische romans.
John was voor mij een groot voorbeeld, een steun in mijn schrijfgroeiproces en een uitzonderlijke mentor die ik enorm zal missen. Een etentje met hem erbij was telkens een intellectuele én vrolijke bedoening, absoluut nooit saai en het liet je achter met honger naar meer. Hij doorzag de wereld zoals die was met een bijna griezelige doorgrondelijkheid. Ik zal zoveel aan hem missen: zijn visie, schrijven, meningen, prachtige overtuigingen, chocoladeverslaving, obsessie met het concept 'tijd', kattenvoorkeur, scherpe geest, droge en soms zwarte humor en zelfs zijn gemopper. Hij was ons aller 'GOM'metje en er is niemand die zijn unieke plaats kan innemen.
John was voor mij zondermeer een literaire renaissance man, een uitzonderlijk genie met woorden en verhalen. Een vriend zoals hij kom je zelden tegen en ik zal hem dan ook koesteren en eren met ieder woord en gedachte.
Thirza Meta
Ik leerde John kennen op de Antwerpse Boekenbeurs in 2003. De cover van “Ring van Eeuwigheid” lachte ons toe en we waren heel nieuwsgierig naar het boek. Van het een kwam het ander: van een gesprekje met John, van wie ik tot dat moment eerlijk gezegd nog niet eerder gehoord had, tot het krijgen van zijn visitekaartje.
Ik vond het wat gênant dat ik moest bekennen dat ik nooit eerder van hem had gehoord. Hij lachte er wat schamper bij en vergoelijkte het enigszins, maar hoe langer ik hem kende, hoe meer ik ván hem kende, hoe duidelijker het werd: de rode draad van zijn literaire verwezenlijkingen die heel fel gloeide in het buitenland, daar wijd uitwaaierde, en hier… Ach, hij mocht geluk hebben als iemand bij het noemen van zijn naam ergens in het achterhoofd een belletje hoorde rinkelen. En dat terwijl hij, niet alleen in mijn ogen, een groot literair schrijver was – een veelzijdig auteur die niet alleen sf (zijn grote liefde), fantasy/sf, maar ook thrillers, erotisch werk, artikels over zeilen en historische romans uit zijn vingers liet vloeien.
In onze mailwisseling placht hij daar niet zelden heel erg cynisch mee om te gaan. Ook al liet hij vaak verstaan dat hij om die reden – de miskenning in eigen land – liever niet meer zou schrijven, kon hij dat toch niet laten. Schrijven zat hem in het bloed. Hij was een échte. Iemand die tig keer zijn pc het raam uit zou keilen, of liever op een onbewoond eiland zou toeven (met een select aantal mensen om zich heen, anders wordt het wel erg eenzaam), maar zich dan toch weer achter zijn pc terugvindt, de vingers razend over het klavier. Dankzij die drang, die passie hebben we dit jaar nog een nieuwe roman van hem mogen lezen: “Het Genie in de Rattenval.”
Alles bij elkaar genomen was John een heel timide, introverte man. Hij liep niet graag te koop met zijn (buitenlandse) successen. Hij was heel onzeker, niet alleen over zijn schrijven, maar ook over zijn intelligentie. Zwaar ten onrechte, want als er iemand is die ik om zijn intellect bewonder, dan is het John. Autodidact en uiterlijk gehard door het leven, met een scherpe visie op realiteit en zijn omgeving.
Hij schuwde grote menigten; het was vaak een werk van trekken en sleuren om hem toch maar te overtuigen op de Antwerpse Boekenbeurs te komen signeren. Maar als hij er dan was, dan genoot hij stilletjes toch met volle teugen.
Zijn overlijden heeft een groot gat geslagen in literair Vlaanderen, maar ook in de levens van zijn dierbaren, zijn vrienden en kennissen. Ik kan alleen maar respect hebben voor hem, want hij is tot op het einde trouw gebleven aan wie hij was. En hij zal voor altijd mijn GOM-metje blijven – Grumpy Old Man, waarmee hij menig van zijn mails ondertekende.